Vorgang, um jemanden in Angst oder Schrecken zu versetzen und von etwas abzuhalten
Der Besitz von Atomwaffen hatte während des Kalten Krieges tatsächlich das Ziel der Abschreckung.
Het bezit van kernwapens had tijdens de Koude Oorlog daadwerkelijk afschrikking als doel.
Der Schutz der Gesellschaft vor schweren Straftätern sowie die Abschreckung des Täters vor weiteren Taten durch ein hartes Urteil werde statt dessen immer mehr in den Hintergrund gedrängt.
De bescherming van de samenleving tegen zware criminelen en de afschrikking van de dader van verdere daden door een streng vonnis zou daarentegen steeds meer naar de achtergrond worden gedrongen.