„Das ahnungslose Bereitstellen von Freilichtplätzen mit kindergroßen Schachfiguren in zahlreichen Großstadtparks lässt vermuten, dass das Wissen um die einstige blutige Praxis des Adelsspiels verlorengegangen ist.“
Het argeloos neerzetten van openluchtpleinen met kindgrote schaakstukken in talrijke grootstedelijke parken doet vermoeden dat de kennis over de ooit bloedige praktijk van het adellijke spel verloren is gegaan.
„Aber, zum Adelsspiel gehört auch immer das Volk, d. h. die Bediensteten, also Knechte, Knappen, Zofe und Mägde. D. h. ohne Spieler, die das Gefolge spielen – kein Adelsspiel.“
Maar tot het adellijke spel behoort ook altijd het volk, d.w.z. de bedienden, dus knechten, knapen, kameniersters en meiden. D.w.z. zonder spelers die het gevolg spelen – geen adellijk spel.