grundlegende Bildung, die nicht fachlich orientiert ist; erworbenes Allgemeinwissen
Die Allgemeinbildung der Bevölkerung ist flächendeckend gut.
De algemene ontwikkeling van de bevolking is overal goed.
Mein Mathe-Professor hat eine so gute Allgemeinbildung, dass er glatt den Professor aus den Biologie-Lesungen ersetzen könnte, obwohl er dieses Fach nie studiert hat.
Mijn wiskundeprofessor heeft zo'n goede algemene ontwikkeling dat hij probleemloos de professor van de biologiecolleges zou kunnen vervangen, hoewel hij dat vak nooit heeft gestudeerd.