Er wohnt in einem Ort am Alpenrand.
Hij woont in een plaats aan de alpenrand.
„Bevorzugte Gewittergegenden sind die Schwäbische Alb, der Bodenseeraum, der nördliche Alpenrand und allgemein die deutschen Mittelgebirge.“
„Voorkeursonweersgebieden zijn de Schwäbische Alb, het Bodenmeergebied, de noordelijke alpenrand en algemeen de Duitse middelgebergten.“