„Nikolai und Claire traten zur Seite, um einer Familie Platz zu machen, die mit Rucksäcken und Bergstöcken den Weg bergab trottete.“
„Nikolai en Claire traden opzij om plaats te maken voor een gezin dat met rugzakken en bergstokken de weg bergaf sjokte.“
„Es gab Bücherregale mit herrlichen unlesbaren Büchern und – in einem Winkel – eine Flinte, ein Schmetterlingsnetz und einen Bergstock.“
„Er waren boekenrekken met heerlijke onleesbare boeken en – in een hoek – een geweer, een vlindernet en een bergstok.“