„Aber ein Bettvorleger sei ja da, eine Decke und ein Kissen könne sie ihm ebenfalls abtreten.“
„Maar een bedkleedje was er wel, een deken en een kussen kon zij hem eveneens afstaan.“
„Mit dem Zollstock misst er aus, wo der Bettvorleger zu liegen habe, das Futter für den Kanarienvogel wiegt er mit der Briefwaage ab, Inbegriff von Preußenzucht, Militarismus und Vaterlandstreue.“
„Met de duimstok meet hij waar het bedkleedje moet liggen, het voer voor de kanarie weegt hij met de brievenweger, toonbeeld van Pruisische tucht, militarisme en vaderlandstrouw.“