Zoek woordenschat...
Woordenboek
Een Duits woord dat je nog niet snapt? 🌱
Brombeerbusch
der
[ˈbʁɔmbeːɐ̯ˌbʊʃ]
Zelfstandig naamwoord
Meervoud: Brombeerbüsche
Definities
1
bramenstruik
- struik waaraan bramen groeien
Busch, an dem Brombeeren wachsen
„Wir springen, kugeln die Böschung hinunter, ins Dunkle hinab – und genau in dornige
Brombeerbüsche
hinein.“
“We springen, rollen de helling af, het donker in – en precies in de doornige bramenstruiken.”
Synoniemen
Brombeerstrauch
Zelfstandig naamwoord