„Sie haben erfolglos nach Dickhornschafen Ausschau gehalten, deren Jagdsaison hier im Staat als Letzte endet, nämlich erst mitten im Februar.“
„Zij hebben tevergeefs naar dikhoornschapen uitgekeken, waarvan het jachtseizoen hier in de staat als laatste eindigt, namelijk pas midden februari.“
„›Da drüben in den Bergen gibt es Pumas, Dickhornschafe und Adler.‹“
„›Daar in de bergen zijn poema's, dikhoornschapen en adelaars.‹“