Die Tochter vom Wirt galt unter den Männern als die Dorfschönheit.
De dochter van de waard gold onder de mannen als de dorpsschoonheid.
„Zum erstenmal in meinem Leben sah ich eine Dorfschönheit in einer solchen Aufmachung.“
"Voor het eerst in mijn leven zag ik een dorpsschoonheid in zo'n uitdossing."