
tocht- wind, die door iets heen waait ("trekt"), gewoonlijk door een kamer
Wind, der durch etwas weht („zieht“), für gewöhnlich durch ein Zimmer
doortocht- beweging van troepen of grote, gezamenlijke groepen mensen door een gebied
Bewegung von Truppen oder großen, gemeinsamen Gruppen von Menschen durch ein Gebiet
doorhaal- bepaalde beweging in het roeiverloop
bestimmte Bewegung im Ruderablauf
doortrek- vogeltrek door een gebied, dat noch broedgebied noch overwinteringsgebied is
Vogelzug durch ein Gebiet, das weder Brutgebiet noch Überwinterungsgebiet ist
trekvermogen- acceleratievermogen tussen twee snelheden in seconden, bijv. van 50 naar 100 km/u in 8 seconden
Beschleunigungsvermögen zwischen zwei Geschwindigkeiten in Sekunden, z. B. von 50 auf 100 km/h in 8 Sekunden