Der Einsiedler sagte, sie hätte ja noch ihre königlichen Kleider an, damit könne sie nicht reisen.
De kluizenaar zei dat zij immers nog haar koninklijke kleren aanhad, daarmee kon zij niet reizen.
„Er wird Einsiedler, erst im Schwarzwald, schließlich, am Ende einer seltsamen Weltreise, auf einer einsamen Insel.“
„Hij wordt kluizenaar, eerst in het Zwarte Woud, ten slotte, aan het einde van een vreemde wereldreis, op een eenzaam eiland.“