Fahrausweis für eine einfache Fahrt von einem Startpunkt zu einem Ziel mit öffentlichen Verkehrsmitteln
„Alle anderen müssen entweder eine ermäßigte Einzelfahrkarte oder eine Fahrradkarte für 5 Euro kaufen, die maximal einen Monat und nur in Verbindung mit einer Monatskarte gilt.“
„Alle anderen moeten ofwel een enkeltje met korting ofwel een fietskaartje voor 5 euro kopen, dat maximaal een maand en alleen in combinatie met een maandkaart geldig is.“
„So erhöht sich die Einzelfahrkarte von Bremen nach Bremerhaven zum Beispiel von 10,70 Euro auf elf Euro.“
„Zo wordt het enkeltje van Bremen naar Bremerhaven bijvoorbeeld verhoogd van 10,70 euro naar elf euro.“