„Zerlumpt, ausgemergelt, stinkend, von Fieber und Eiterbeulen geplagt, erreichen die Überlebenden schließlich taumelnd und stolpernd das Ufer des Albert-Sees.“
„haveloos, uitgemergeld, stinkend, geplaagd door koorts en etterbuilen, bereiken de overlevenden ten slotte wankelend en struikelend de oever van het Albertmeer.“