Zoek woordenschat...
Woordenboek
Een Duits woord dat je nog niet snapt? 🌱
Exportgut
das
[ɛksˈpɔʁtˌɡuːt]
Zelfstandig naamwoord
Meervoud: Exportgüter
Definities
1
exportgoed
- goed dat voor de export bestemd is
Ware, die für den Export bestimmt ist
„Er formt die Landwirtschaft um, vom Ackerbau für den Eigenbedarf zum Anbau von lukrativen
Exportgütern
, vor allem Kaffee.“
„Hij vormt de landbouw om, van akkerbouw voor eigen gebruik naar teelt van lucratieve exportgoederen, vooral koffie.“
Synoniemen
Exportware
Antoniemen
Importgut
Zelfstandig naamwoord