Zoek woordenschat...
Woordenboek
Een Duits woord dat je nog niet snapt? 🌱
Familienehre
die
[faˈmiːli̯ənˌʔeːʁə]
Zelfstandig naamwoord
Meervoud: Familienehren
Definities
1
familie-eer
- eer/aanzien van een familie
Ehre/Ansehen einer Familie
„Er hatte die
Familienehre
verspielt.“
„Hij had de familie-eer verspeeld.“
Zelfstandig naamwoord