„Denn inzwischen war der Kaffee aufgetragen, und das Klappern der Tassen und die bald geweckte allgemeine Gesprächigkeit ließen vorläufig nur eine Unterhaltung im engsten Kreise zu.“
„Want intussen was de koffie opgediend, en het geklepper van de kopjes en de weldra gewekte algemene spraakzaamheid lieten voorlopig slechts een gesprek in de engste kring toe.“
„Was ist in dem geselligen Gastmahl reizender als die Unterhaltung, die belebte Gesprächigkeit, und was belebt diese mehr als der Wein?“
„Wat is er bij het gezellige gastmaal bekoorlijker dan het onderhoud, de levendige spraakzaamheid, en wat verlevendigt deze meer dan de wijn?“