„Er wurde im Treppenhaus von einem KGB-Auftragskiller mit einer Giftampulle und Zyanidgas ermordet.“
„Hij werd in het trappenhuis door een KGB-huurmoordenaar met een gifampul en cyanidegas vermoord.“
„Nach dem Essen gab Hitler jeder der Sekretärinnen eine Giftampulle; zehn Stück davon hatte er von Himmler bekommen.“
„Na het eten gaf Hitler elk van de secretaresses een gifampul; tien stuks daarvan had hij van Himmler gekregen.“