„Die Grenzen der jiddischen Dialekte werden nach der Aussprache der Haupttonvokale gezogen.
“De grenzen van de Jiddische dialecten worden getrokken naar de uitspraak van de hoofdklemtoonvocalen.”
„Am Wortanfang, vor dem Haupttonvokal und nach /n/ steht dagegen überwiegend Gimel mit Dagesch.“
“Aan het woordbegin, voor de hoofdklemtoonvocaal en na /n/ staat daarentegen overwegend gimel met dagesj.”