Wir genossen unseren ruhigen Herbstspaziergang im Wäldchen.
Wij genoten van onze rustige herfstwandeling in het bosje.
„Komm, lass uns noch einen kurzen Herbstspaziergang machen, bevor es dunkel wird.“
„Kom, laten we nog een korte herfstwandeling maken voordat het donker wordt.“