Selbstbezeichnung eines einzelnen Menschen der nordamerikanischen und grönländischen Eskimovölker
„Die Forscher haben ihn Inuk genannt, das heißt Mensch auf grönländisch, denn im Norden Grönlands hat er gelebt, vor rund 4000 Jahren.“
„De onderzoekers hebben hem Inuk genoemd, dat betekent mens in het Groenlands, want in het noorden van Groenland heeft hij geleefd, zo’n 4000 jaar geleden.“
„Vorfahren der Inuit haben einst hier gelebt, sind aus unbekannten Gründen aber wieder verschwunden.“
„Voorouders van de Inuit hebben hier ooit geleefd, maar zijn om onbekende redenen weer verdwenen.“