„Schwere Holzstühle mit fluffigen Bezügen, kleine runde Tische mit spitzenverzierten Decken und goldenen Kerzenständern luden zum Verweilen ein.“
„Zware houten stoelen met donzige bekleding, kleine ronde tafels met met kant versierde kleden en gouden kaarsenstandaards nodigden uit om te blijven vertoeven.“