„›Huiuiuiuiui!‹, murmelt Rowan und bewegt die Kiefergelenke, bis es in ihren Ohren ploppt und sie wieder einigermaßen hören kann.“
„›Huiuiuiui!‹, mompelt Rowan en beweegt haar kaakgewrichten tot het in haar oren plopt en ze weer enigszins kan horen.“