Der Klirrfaktor k gibt an, wie stark die Oberschwingungen, die bei der Verzerrung eines sinusförmigen Signals entstehen, im Vergleich zum Gesamtsignal sind.
De klirrfactor k geeft aan hoe sterk de boventonen, die bij de vervorming van een sinusvormig signaal ontstaan, zijn in vergelijking met het totaalsignaal.
„Beide besitzen einen Frequenzgang von 20 Hz bis 20 kHz und einen Klirrfaktor von weniger als 0,01 Prozent.“
„Beide bezitten een frequentieverloop van 20 Hz tot 20 kHz en een klirrfactor van minder dan 0,01 procent.“