„Unter einem Konkatenationsoperator versteht man einen Operator, der für das Aneinanderhängen von zwei Zeichenketten steht.“
„Onder een concatenatieoperator verstaat men een operator die voor het aan elkaar hangen van twee tekenreeksen staat.“
„Als Konkatenationsoperator wird das Pluszeichen + verwendet.“
„Als concatenatieoperator wordt het plusteken + gebruikt.“