
kruim- het zachte binnenste van brood, dat door een hardere korst is omgeven
das weiche Innere von Brot, das von einer härteren Kruste umgeben ist
kruimel- klein, afgebrokkeld stukje; in het bijzonder van gebak zoals brood, cake, koekjes, chips, maar ook van vaste stoffen zoals pleister, gips enz.
kleines, abgebröseltes Stück; insbesondere von Gebackenem wie Brot, Kuchen, Keksen, Chips, aber auch von festen Stoffen wie Putz, Gips etc.
beetje- kleine hoeveelheid
kleine Menge
bouwvoor
kurz für Ackerkrume, die oberste, lockere Bodenschicht des Ackers