„Neben den unverkürzten zweigliedrigen Vollformen treten vielfältige Kurzformen auf.“
“Naast de onverkorte tweeledige volvormen treden veelsoortige korte namen op.”
„Hinsichtlich ihrer Bildungsweise werden die Vornamen gewöhnlich eingeteilt in (a) Vollformen, (b) Doppelvornamen, (c) Kurzformen, (d) Koseformen und (e) Lallformen (…).“
“Wat betreft hun vormingswijze worden de voornamen gewoonlijk ingedeeld in (a) volvormen, (b) dubbele voornamen, (c) korte namen, (d) koosvormen en (e) lallvormen (…).”