Tom brauchte eine Lüsterklemme, um seine Deckenlampe anzubringen.
Tom had een kroonsteentje nodig om zijn plafondlamp op te hangen.
„Er lacht und tippt mit dem Finger auf die kupferne Oberfläche meines Haarschmucks, der vor uns in der Lüsterklemme baumelt.“
„Hij lacht en tikt met zijn vinger op het koperen oppervlak van mijn haarsieraad, dat voor ons in het kroonsteentje bungelt.”