„Die Ladenklingel ging, ein kleines Mädchen, acht oder neun Jahre alt, schwarzhaarig mit roten Wangen und frisch gewaschen, das Gebetbuch unterm Arm, kam in den Laden.“
„De winkelbel ging, een klein meisje, acht of negen jaar oud, zwartharig met rode wangen en fris gewassen, met het gebedenboek onder de arm, kwam de winkel binnen.“