Er ist in der Regel kein Langschläfer.
Hij is in de regel geen uitslaper.
„Dabei war Paris einmal die Stadt der Boheme und der Langschläfer, der großen Denker an Café-Tischen und der Faulenzer.“
„Daarbij was Parijs ooit de stad van de bohème en de uitslapers, van de grote denkers aan cafétafels en de luilakken.”