Max hat eine gesunde Lebensweise. Er joggt jeden Morgen.
Max heeft een gezonde levenswijze. Hij jogt elke ochtend.
„In ihrem Salon sammelte sie Menschen um sich, die unkonventionell dachten und die Lebensweise der Gastgeberin achteten, wenn nicht gar bewunderten.“
„In haar salon verzamelde zij mensen om zich heen die onconventioneel dachten en de levenswijze van de gastvrouw respecteerden, zo niet bewonderden.“