
onderkaak- anatomie van de zoogdieren: de paarsgewijs aangelegde onderkaak(beenderen) van de zoogdieren
Anatomie der Säugetiere: die paarig angelegten Unterkiefer(knochen) der Säugetiere
mandibel- anatomie van de geleedpotigen: als bovenkaak dienende monddelen van bepaalde geleedpotigen (namelijk van de kreeftachtigen, duizendpotigen en insecten, die samen de superorde van de mandibulata vormen); deze monddelen zijn morfologisch uit het eerste potenpaar van de geleedpotigen ontstaan
Anatomie der Gliederfüßer: als Oberkiefer dienende Mundwerkzeuge bestimmter Gliederfüßer (nämlich der Krebstiere, Tausendfüßer und Insekten, die zusammen die Überordnung der Mandibulata bilden); diese Mundwerkzeuge sind morphologisch aus dem ersten Beinpaar der Gliederfüßer hervorgegangen
snavel- anatomie van de vogels: boven- en ondersnavel van de vogels
Anatomie der Vögel: Ober- und Unterschnabel der Vögel