Wir könnten uns morgen um die Mittagszeit treffen und alles besprechen.
Wij zouden elkaar morgen rond de middagtijd kunnen treffen en alles bespreken.
„Zur Mittagszeit rief dann ein Junge durch ein offenes Fenster, dass die Soldaten anrückten.“
"Rond de middagtijd riep toen een jongen door een open raam dat de soldaten in aantocht waren."