Früher stand in jedem Schlafzimmer ein Nachttopf.
Vroeger stond er in elke slaapkamer een pispot.
„Unsere Zimmer hatten ein Bett mit einem Nachttopf darunter und einen Nachttisch mit einer Bibel.“
"Onze kamers hadden een bed met een pispot eronder en een nachtkastje met een bijbel."