
ossentong- tong van de os (als gerecht)
Zunge des Ochsen (als Speise)
anchusa- plantengeslacht uit de familie van de ruwbladigen; een bepaalde soort of een exemplaar uit dit geslacht
(im Plural) eine Pflanzengattung aus der Familie der Raublattgewächse; eine bestimmte Art oder ein Exemplar aus dieser Gattung
biefstukzwam- eetbare paddenstoel die op boomstammen groeit
essbarer Pilz, der an Baumstämmen wächst