„Der Bäcker legte sie in eine hübsche Pappschachtel und wickelte sie in prachtvolles Geschenkpapier ein.“
„De bakker legde ze in een mooie kartonnen doos en wikkelde ze in prachtig cadeaupapier.“
„Red öffnete sein Verbandpäckchen und nahm eine flache Pappschachtel heraus, die die Binde enthielt.“
„Red opende zijn verbandpakje en haalde er een plat kartonnen doosje uit waarin de zwachtel zat.“