„Dunkelrot lag er wie eine Apfelsine auf den Wipfeln eines Pinienwaldes am Horizont.“
„Donkerrood lag hij als een sinaasappel op de toppen van een pijnboombos aan de horizon.“
„Der Bomber stürzte im nahen Pinienwald bei La Baule ab, hundert Meter hinter einer großen Villa.“
„De bommenwerper stortte neer in het nabijgelegen pijnboombos bij La Baule, honderd meter achter een grote villa.“