Das Possessivum, das die Relation eines „Objekts" in bezug auf den Sprecher bestimmt, weist im Surselvischen zwei in Form und Funktion unterschiedene Paradigmen auf.
Het bezittelijk voornaamwoord, dat de relatie van een “object” ten opzichte van de spreker bepaalt, kent in het Surselvisch twee in vorm en functie onderscheiden paradigma's.