„Draußen standen viele Schutzmänner.“
„Buiten stonden veel politieagenten.“
„Die beiden Schutzleute traten plötzlich vor die Spitze des Zuges, erhoben ihre vier in weißes Waschleder gekleideten Hände mit einer Gebärde der Abwehr.“
„De beide agenten traden plotseling voor de spits van de stoet, hieven hun vier in wit wasleer geklede handen op met een gebaar van afweer.“