aktuell (erstmals) auftretendes (meist negatives) Ergebnis, das auf eine lang zurückliegende Ursache zurückgeht
„Spätfolge der Pharyngitis ist das rheumatische Fieber (ARF), das zwei bis drei Wochen nach der Erkrankung auftreten kann.“
„Laat gevolg van de faryngitis is de reumatische koorts (ARF), die twee tot drie weken na de ziekte kan optreden.”
„Zum anderen lässt sich die Inflation auch als Spätfolge des bis 1971 bestehenden Weltwährungsregimes interpretieren, in dessen Mittelpunkt ein goldgedeckter Dollar stand.“
„Ten tweede laat de inflatie zich ook interpreteren als laat gevolg van het tot 1971 bestaande wereldmuntstelsel, waarin een door goud gedekte dollar centraal stond.”