derjenige Zustand einer Varietät einer Sprache, der als richtig anerkannt oder bestimmt worden ist; es gibt nicht nur eine Sprachnorm der Standardsprache, sondern auch anderer Varietäten.
Die Sprachnorm kann auf einer gewachsenen gesellschaftlichen Konvention beruhen oder auch darauf, dass dazu berechtigte Personen oder Institutionen eine solche festlegen.
De taalnorm kan berusten op een gegroeide maatschappelijke conventie of ook daarop dat daartoe bevoegde personen of instellingen een dergelijke vastleggen.
Die Sprachnorm der Standardsprache wird stark dadurch bestimmt, dass festgelegt ist, welche Form im Schulunterricht gelehrt werden soll.
De taalnorm van de standaardtaal wordt sterk daardoor bepaald dat is vastgelegd welke vorm in het schoolonderwijs moet worden onderwezen.