einer der Bräuche, mit denen der Tod von Jemandem bekannt gemacht („angesagt“) wird
„Neben dem mündlichen Todansagen gab es auch die Möglichkeit, diesen durch das Läuten der Totenglocke zu verkünden.“
„Naast de mondelinge doodaanzegging bestond ook de mogelijkheid deze door het luiden van de doodsklok te verkondigen.“
„Unklar ist noch, ob der Bruderschaftsbote bei den jeweiligen Todansagen besondere Kleidung trug.“
„Onduidelijk is nog of de broederschapsbode bij de respectieve doodaanzeggingen bijzondere kleding droeg.“