eine festliche Veranstaltung zum Gedenken an einen Verstorbenen, kurz nach dessen Ableben
Es war bewegend, dass zur Trauerfeier für meinen Onkel so viele Leute kamen.
Het was ontroerend dat er voor de rouwplechtigheid voor mijn oom zoveel mensen kwamen.
„Seine Familie wollte die Trauerfeier unbedingt in der Kantine stattfinden lassen, also organisierte Onkel Joe die Trauerfeier.“
„Zijn familie wilde de rouwplechtigheid per se in de kantine laten plaatsvinden, dus organiseerde oom Joe de rouwplechtigheid.“