„In einem Umkleidezimmer mit rosafarbenen Seidentapeten traf Thomas Lieven den Major Loos, der einen schicken neuen Anzug aus dunklem Flanell trug.“
„In een verkleedkamer met rozekleurig zijden behang ontmoette Thomas Lieven majoor Loos, die een chic nieuw pak van donkere flanel droeg.“