
afspraak- afspraak, overleg, overeenkomst over een gepland contact of voornemen
Abmachung, Absprache, Vereinbarung zu einem geplanten Kontakt oder Vorhaben
overeenkomst- iets waarover men het met iemand eens is geworden
etwas, worauf man sich mit jemandem verständigt hat
afspraakpartner- persoon met wie men voor een ontmoeting heeft afgesproken
Person, mit der man sich für ein Treffen verständigt hat