„Über manche Unsicherheit im Gebrauch von Vergangenheitsformen hilft uns hinweg, dass wir überwiegend das Perfekt, übrigens die mündlich inzwischen am meisten gebrauchte Form der Vergangenheit, benutzen.“
Over menige onzekerheid in het gebruik van verledenvormen helpt ons heen dat wij overwegend het perfectum gebruiken, trouwens de mondeling inmiddels meest gebruikte vorm van het verleden.
„Zu beiden Vergangenheitsformen gibt es als Abstufung das Plusquamperfekt (Vollendete Vergangenheit) hatte getroffen.“
Bij beide verledenvormen bestaat als trap het plusquamperfectum (voltooid verleden tijd) had getroffen.