„Ich sehe durchs Scherenfernrohr, sehe die Schützengräben der Franzosen, dahinter Pont à Mousson, die zerschossene Stadt, die Mosel, die durch die Landschaft des Vorfrühlings weich und träge sich schlängelt.“
„Ik zie door de schaarkijker, zie de loopgraven van de Fransen, daarachter Pont-à-Mousson, de kapotgeschoten stad, de Moezel, die zich zacht en traag door het landschap van de vroege lente slingert.“
„Aber im Vorfrühling von 1990 war der Straßenzustand in Mecklenburg-Vorpommern miserabel, und wir kamen nur langsam voran.“
„Maar in de vroege lente van 1990 was de toestand van de wegen in Mecklenburg-Voor-Pommeren miserabel en kwamen we maar langzaam vooruit.“