
betasten- (met de hand) onderzoeken
(mit der Hand) untersuchen
onderscheppen- toegang tot iets hebben of zich toegang verschaffen en daar vervolgens (ongeoorloofd ten eigen voordele) over beschikken
Zugriff auf etwas haben oder sich Zugriff verschaffen und dann darüber (unerlaubterweise zum eigenen Vorteil) verfügen
afslijten- door gebruik verslijten/versleten worden
durch Gebrauch abnutzen/abgenutzt werden
oppakken- iemand in bewaring nemen
jemanden in Gewahrsam nehmen
afpassen- een lengtemaat van een object markeren (bijvoorbeeld aan een lint/stift of met een passer, de vingers) en overbrengen om daar verder te werken
ein Längenmaß eines Objektes markieren (zum Beispiel an einem Band/Stift oder mit einem Zirkel, den Fingern) und übertragen, um dort weiterzuarbeiten
aftappen- aan contactpunten signalen of spanningen registreren; vaststellen dat ze bestaan
an Kontaktpunkten Signale oder Spannungen registrieren; feststellen, dass sie existieren