
weglopen- beginnen te lopen
zu laufen beginnen
wegstromen- van of uit iets afvloeien, aftakken
von/aus etwas abfließen, abzweigen
aflopen- (een traject) te voet afleggen
(eine Strecke) zu Fuß bewältigen
afslijten- (schoeisel) door gebruik verslijten
(Schuhwerk) durch Benutzung verschleißen
verlopen- zich net voltrekken
sich gerade ereignen
vervallen- ten einde gaan, zijn geldigheid verliezen
zu Ende gehen, seine Gültigkeit verlieren