Er konnte vor Aufregung nicht schlafen.
Hij kon van opwinding niet slapen.
„Vielleicht war es auch die Folge der verwirrenden Aufregung oder des schmerzlichen Bewußtseins, von jemand Abschied nehemen zu müssen, den man gern hatte.“
„Misschien was het ook het gevolg van de verwarrende opwinding of van het pijnlijke besef afscheid te moeten nemen van iemand die men graag mocht.“