
neuken- de geslachtsdaad voltrekken, coïteren
den Geschlechtsakt vollziehen, koitieren
afbeulen- iemand hard aanpakken
jemanden hart rannehmen
naaien- iemand erin luizen, iemand kapotmaken
jemanden hereinlegen, jemanden fertigmachen
wrijven- heen en weer bewegen, wrijven
hin- und herbewegen, reiben